Ben jij van plan om de hadj te doen?






Korte Richtlijnen voor de Hadj en 'Oemrah

1. Om oprecht berouw te tonen voor alle zondes, en de Hadj en `Oemrah te betalen van zijn wettige verdiensten.

2. Over zijn tong waken tegen liegen, roddelen, belasteren en spotten.

3. De intentie voor het verrichten van de Hadj of ‘Oemrah te zuiveren, en zoekend naar het Hiernamaals en de tevredenheid van Allaah de Allerhoogste als enige, ver weg van pronken en opscheppen.

4. De handelingen leren zoals ze zijn voorgeschreven door de Sharie`ah voor de Hadj en ‘Oemrah, en in het geval van enige moeilijkheid of probleem de mensen die het weten te vragen.

5. Wanneer de pelgrim arriveert bij al-miqaat (Plaats van ihraam) is hij vrij om te kiezen uit drie soorten Hadj (ifraad, tamatt’oe of qiraan). Tamatt’oe heeft de voorkeur voor iemand die geen offerdier met zich heeft meegebracht, terwijl qiraan de voorkeur heeft voor iemand die zijn dier bij zich heeft.

6. Als de persoon de ihraam binnen gaat bang is dat hij niet in staat zal zijn om alle rituelen te verrichten vanwege ziekte of angst, dan moet hij voorwaarde maken (door de volgende doe'a te zeggen): “Ik zal terug keren naar de normale staat als ik daartoe gedwongen wordt.”

7. The Hadj van kinderen is geldig, maar vervult niet hun Islaamitische verplichting van de Hadj.

8. Gedurende de staat van ihraam, mag men een bad nemen of zijn hoofd wassen of krabben indien nodig.

9. Het is toegestaan voor een vrouw om haar gezicht te bedekken met haar hoofdbedekking als ze bang is dat mannen naar haar kijken.

10. Veel vrouwen dragen een hoofdband onder de sluier om het weg te houden van het gezicht. Deze handeling heeft geen basis.

11. Het is toegestaan om de ihraam kleding te wassen en ze opnieuw te dragen, of andere ihraam kleding aan te trekken.

12. Als iemand - gedurende de staat van ihraam - een genaaid kleed draagt, zijn hoofd bedekt, of een geur gebruikt uit vergeetachtigheid of onwetendheid, wordt er geen compensatie (straf of compensatieoffer) van hem vereist.

13. Als iemand Hadj at-tamatt’u of `Oemrah verricht, dan moet hij stoppen met het reciteren van talbiejah bij het arriveren bij de Ka`bah en voor het beginnen aan de tawaaf.

14. Snel lopen, korte stappen nemen en ontbloten van de rechterschouder is niet toegestaan gedurende tawaaf behalve tijdens de eerste drie omsingelingen van de Tawaaf van Aankomst (tawaaf al-qoedoem) deze is voor het lopen met snelle, korte stappen. Maar wat betreft het ontbloten van de schouder, dat geldt voor alle zeven omsingelingen. Dit gaat alleen op voor mannen.

15. Als de pelgrim is vergeten hoeveel ronden hij heeft verricht, m.a.w., of het er drie of vier waren, dan moet hij ze tellen als drie (dat is, de minste van twee getallen). Dezelfde procedure moet worden doorlopen voor de Sa’ye.

16. In het geval van grote menigte, is er geen kwaad in het verrichten van de omsingelingen verder dan de Zam Zam bron en de Plaats van Ibraahiem of zelfs nog verder, want de gehele Heilige Moskee is een plek van tawaaf.

17. Het is verboden voor een vrouw om tawaaf te maken terwijl ze haar schoonheid toont, parfum gebruikt, of niet voldoende bedekt wat de Sharie`ah van haar verlangt te bedekken.

18. Als de menstruatie van een vrouw begint of ze baart na het binnen gaan van ihraam, is het voor haar niet acceptabel om tawaaf te verrichten totdat de stroom van bloed stopt en ze gereinigd is.

19. Een vrouw mag voor ihraam iedere jurk (Iebajaah) dragen, zolang het niet lijkt op mannenkleding, haar schoonheid toont, of verleiding bij mannen veroorzaakt.

20. Het uitspreken van de intentie voor de handelingen van aanbidding behalve de Hadj of ‘Oemrah is een innovatie (bid’ah), en om het hardop te zeggen is zelfs nog meer onjuist.

21. Als een Moslim de intentie voor de Hadj of ‘Oemrah heeft gemaakt, is het verboden om langs een aangewezen Plaats van Ihraam (al-miqaat) zonder in ihraam te gaan.

22. Als de pelgrim voor de Hadj of ‘Oemrah vanuit de lucht aankomt, gaat hij in ihraam in het vliegtuig wanneer hij dat passeert waar zijn route gelijkloopt met een Plaats van Ihraam. Hij moet zich daarvoor voorbereiden gedurende de vlucht of voor het aan boord gaan van het vliegtuig om klaar te zijn om de staat van ihraam binnen te gaan.

23. Als iemand in Mekkah woont, of tussen Mekkah en de Plaatsen van Ihraam hoeft hij nergens naar toe te gaan om ihraam te nemen. In dit geval, moet hij ihraam nemen voor Hadj of ‘Oemrah op de plek waar hij verblijft.

24. Om het aantal van hun `Oemrah’s te vergroten, gaan sommige mensen na de Hadj naar at-Tan`iem of al-Dj`iranah en gevolgd daarop keren ze terug voor `Oemrah. Er bestaatgeen ondersteuning voor deze praktijk in de Sharie`ah.

25. De pelgrim gaat in ihraam op de achtste van Dhoel-Hidjah op de plek waarin hij verbleef in Mekkah. Het is niet nodig voor hem om vanaf een specifieke plaats in Mekkah (zoalsal-Mizab – de regengoot aan de Ka'abah) ihraam te nemen, zoals veel mensen doen, noch is er deze keer een Afscheid Tawaaf voor het verlaten van Mekka.

26. Het heeft de voorkeur om van ‘Arafat naar Mina te gaan op de negende van Dhoel- Hidjah nadat de zon is opgekomen.

27. Het is niet toegestaan om van ‘Arafat te vertrekken op de negende van Dhoel-Hidjah voordat de zon onder is. Wanneer de pelgrim na zonsondergang vertrekt, moet hij dat doen met rust en respect.

28. De Maghreb en `Ieshaa'a gebeden moeten worden verricht na het arriveren in Moezdelifah, of het nou de tijd voor Maghreb is of na het aanbreken van de periode van `Ieshaa'a.

29. Het is toegestaan om kiezels te verzamelen voor het stenigen van de Pilaren van elke plek binnen de grenzen van Mekkah (al-Haraam), niet perse in Moezdelifah.

30. Het is niet aanbevolen om de kiezels te wassen. Er bestaat geen enkele overlevering dat gaat over dat de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) of zijn Metgezellen dit ooit deden. Noch horen de gebruikte kiezels opnieuw gebruikt te worden.

31. Het is toegestaan voor vrouwen, kinderen en zwakke individuen om verder te gaan naar Mina aan het einde van de nacht.

32. Wanneer de pelgrim in Mina arriveert op de Dag van ‘Eid (de tiende van Dhoel-Hidjah), moet hij stoppen met het reciteren van talbiejah. De kiezels moeten achtereenvolgend gegooid worden, één voor één, naar de Stenen Pilaar van ‘Aqabah

33. Het is niet vereist dat de kiezels blijven waar ze neergegooid zijn; het is alleen nodig dat ze naast de Pilaar in de ring vallen.

34. Volgens de meningen van geleerden, reikt de periode van offer tot de zonsondergang van de derde dag.

35. Tawaaf al-ifaadah of al-ziyaarah op de dag van `Ied (de tiende van Dhoel-Hidjah) is een essentieel deel van de Hadj, en Hadj is zonder dat niet compleet.

36. De persoon die qiraan maakt tussen Hadj en `Oemrah verricht alleen èèn Sa’ye. Hetzelfde geldt voor het geval van ifraad.

37. Op de Dag van Offer, heeft het de voorkeur dat de pelgrims dingen doen in de volgende volgorde: beginnen met het gooien van de kiezels naar de Pilaren van `Aqabah; dan zijn offer offeren; dan scheert of knipt hij zijn haar, dan maakt hij tawaaf van de Ka`bah gevolgd door sa’ye. Hoewel, het veranderen van deze volgorde is toegestaan.

38. Terugkeren naar volledig normale staat wordt bereikt nadat iemand het volgende heeft gedaan.

a. De kiezels naar de Pilaren van ‘Aqabah gegooid;

b. Zijn hoofd scheert of zijn haar knipt;

c. Tawaaf al-ifaada gedaan met sa’ye.

39. Als een pelgrim besluit zijn verblijf in Mina te verkorten, is het nodig dat hij voor zonsondergang van Mina vertrekt.


40. Voor een kind dat de kiezels zelf niet kan gooien, gooit de voogd namens hem na het gooien van zijn eigen kiezels.

41. Een persoon die niet in staat is om zelf te gooien vanwege hoge leeftijd, ziekte of zwangerschap is toegestaan om iemand anders aan te wijzen (zijn gevolmachtigde) om namens hem of haar te gooien.

42. De gevolmachtigde gooit eerst zijn eigen kiezels en daarna, zonder de plek te verlaten, gooit hij de kiezels van degene die hem gevolmachtigd heeft, bij alle drie de pilaren.

43. Behalve voor de inwoners van de Heilige Moskee, is het verplicht voor iedereen die Hadj at-Tamatt`oe of Hadj al-Qiraan doet om een schaap te offeren of om één zevende deel van een kameel of een koe te delen.

44. Als de pelgrim niet zijn eigen offer kan maken, moet hij drie dagen gedurende de Hadj vasten en zeven dagen nadat hij weer naar huis is gegaan.

45. Het heeft de voorkeur dat deze drie dagen van vasten volbracht zijn voor de Dag van ‘Arafat zodat hij niet hoeft te vasten op die dag, of anders vast hij op de elfde, twaalfde en dertiende dag van Dhoel-Hidjah.

46. Het is toegestaan om deze drie dagen achtereenvolgend of afzonderlijk te vasten, en hetzelfde gaat op voor het thuis vasten van de zeven dagen.

47. De Afscheid Tawaaf (tawaaf al-wida’) is verplicht voor iedere pelgrim behalve de menstruerende en postnatale vrouwen.


48. Het bezoeken van de Moskee van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) is een Soennah, of het nu voor of na de Hadj wordt gedaan.

49. Wanneer je de Moskee van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) binnen gaat, is het Soennah om twee rak’ats van tahiyyat al-masdjied (de salaah van het begroeten van de moskee) te bidden. Hoewel je dit gebed overal in de moskee kan bidden, heeft het de voorkeur om het in de Rawdah te verrichten.

50. Het bezoeken van de graven van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem), en anderen is alleen toegestaan voor mannen, en niet voor vrouwen, zodat ze niet hoeven te reizen voor zo’n bezoek.

51. Het wrijven en vegen van de hand over de muren van de kamer met de tombe van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem), het kussen, of het omcirkelen zijn allemaal innovaties die zijn verboden. Zulke dingen werden niet gedaan door de vrome voorvaderen, en in het bijzonder, het maken van tawaaf om de kamer de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) is shirk (het toeschrijven van deelgenoten aan Allaah Soebhaanahoe wa ta’Ala.

52. Het is ook shirk om de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) aan te roepen, voor de vervulling van een behoefte of om een verdriet weg te nemen.

53. Het leven van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) in zijn graf is de staat van barzach (de staat van leven tussen dood en wederopstanding op de Dag des Oordeels) en is in geen enkele manier gelijk met zijn leven op aarde voor zijn dood. De natuur en realiteit van het leven van barzach zijn alleen bekend bij Allaah!!!!

54. Wat een aantal mensen doen die voor het graf van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) staan, de handen opheffen en smeekbedes maken, doen dingen die vreemd zijn voor de Islaam. Dit is een innovatie in de religie.

55. Het bezoeken van het graf van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) is geen verplichting, noch is het een voorwaarde voor het volmaken van de Hadj, zoals sommige mensen denken.

56. De hadieth die door sommige mensen gebruikt worden als argumentatiemateriaal om moedwillig te gaan reizen (uitsluitend) voor het bezoeken van het graf van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem), zijn oftewel zwak of ze zijn gefabriceerd.



bron; http://al-fiqh-jurisprudentie.blogsp...e-hadj-en.html